Foodwatch Nederland organiseert evenals haar Duitse moederorganisatie elk jaar de verkiezing van het Gouden Windei c.q. Goldene Windbeutel. Door middel van deze actie worden bedrijven aan de schandpaal genageld die zich schuldig maken aan creatieve marketing.
Creatieve marketing lijkt op creatief boekhouden, maar waar het creatief boekhouden is bedoeld om belastinginspecteurs en aandeelhouders om de tuin te leiden, wordt bij creatieve marketing consumenten zand in de ogen gestrooid. Iets waar de gemiddelde inspecteur der belastingen en de aandeelhouder niet wakker van ligt.
Het is een nobel en goed instituut, dat Gouden Windei. Tegelijkertijd vraag ik me af of het niet te beperkt is. Wat mij namelijk altijd verwondert is dat het bedotten van consumenten iets lijkt te zijn straffeloos kan geschieden. Als de consumentenbond constateert dat 90 procent van de kipfilet in supers met water en varkenseiwit is geïnjecteerd, dan leidt dat tot één enkele kamervraag (letterlijk) en het antwoord dat het van de EU mag.
Als je namaakham wilt maken van aan elkaar geplakte stukjes vlees of varkensdelen die je aan de straatstenen niet kwijt kunt... geen probleem. Je mag zeggen dat je fabrieksproduct ambachtelijk is, ook al komt het uit een volledig geautomatiseerde fabriek. Voeg een homeopathische hoeveelheid van een gewild ingrediënt toe en je mag op je product zetten dat er bosvruchten in zitten (0.03%) of echte cheddar (3%). Je mag het ook best fruit-iets of zuivel noemen als het hoofdbestanddeel niets, maar dan ook helemaal niets met fruit of zuivel te maken heeft.
Het is ook geen enkel probleem om met een stalen gezicht te beweren dat het consumeren van snacks en mayonaise een bewuste keuze is die bijdraagt aan een betere gezondheid. Ook als het over dierenwelzijn gaat, kent de creativiteit geen grenzen. Een kip waarvan de snavel wordt afgeknipt en die zijn kooi (1 m2) met zestien andere moet delen krijgt een ster en heeft volgens het etiket een beter leven.
Wat mij aangaat wordt de competitie uitgebreid met het gouden slangenei voor de instituten en organisaties die hun diensten zo bereidwillig aanbieden aan bedrijven om hun creatieve marketing te faciliteren.
Posts tonen met het label voedingsfraudeindurstrie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voedingsfraudeindurstrie. Alle posts tonen
maandag 15 augustus 2011
vrijdag 22 juli 2011
Over ontuchtig hamdelen
Ik ging een stukje schrijven over deze 'ham'. Jammer dat ik aanhalingstekens moet gebruiken, want het is zo'n platte manier om te laten zien dat het helemaal geen ham is, maar ik kan het echt niet over mijn hart verkrijgen dit product van de voedselfraudeindustrie ham te noemen.
Deze 'delicatesse', dat lef hebben ze ook ook nog, bestaat uit aan elkaar geplakte stukjes vlees die bij de argeloze koper de indruk moeten wekken dat het hier om echte ham gaat.
Als je de verpakking omdraait lees je ineens, "hamdelen, samengevoegd en gegaard". Hamdelen? Ik snap er weer helemaal niks van. Ik weet niet beter dan dat ham een deel is van de achterhand van een varken dat door koken of roken ham wordt. Voor dat proces heet het geen ham en is het geen ham. Dus kennelijk wordt hier gewerkt met separatorvlees dat tot een geheel wordt geplakt, in een vorm wordt geperst en daarna wordt 'gegaard'. Kennelijk - tja, dit stukje hangt van aannames aan elkaar - wordt het dus niet gekookt. Maar, van onze wetgever mag het kennelijk wel ham heten. Fijn voor de vleesindustrie, maar toch wat raar dat de consument van de wetgever voor citroenen mag betalen, maar knollen krijgt.
Voor alle duidelijkheid en hopelijk ten overvloede, schouderham is geen ham. Ter hoogte van de achterhand van het varken treffen we namelijk geen schouders aan - varkens lijken ook in dat opzicht op mensen. Dus schouderham is een opzichtige manier om van goedkoop vlees een product te maken waar je als slager of grutter meer aan kunt verdienen.
Het is overigens maar een voorbeeld. Toen ik dit stukje schreef zocht ik nog wat aanvullende informatie. Zo wilde ik weten wat eigenlijk de wettelijke eisen zijn die worden gesteld aan de benaming 'achterham'. Helaas ben ik daar niet achter gekomen, maar zoals wel vaker leidde deze zoektocht tot wat ongezochte vondsten. Zoals de Yakult-affaire, maar daarover later meer. De grap is wel dat deze affaire wat licht doet schijnen op de manier waarop de warenwetgeving tot stand komt.
Deze 'delicatesse', dat lef hebben ze ook ook nog, bestaat uit aan elkaar geplakte stukjes vlees die bij de argeloze koper de indruk moeten wekken dat het hier om echte ham gaat.
Als je de verpakking omdraait lees je ineens, "hamdelen, samengevoegd en gegaard". Hamdelen? Ik snap er weer helemaal niks van. Ik weet niet beter dan dat ham een deel is van de achterhand van een varken dat door koken of roken ham wordt. Voor dat proces heet het geen ham en is het geen ham. Dus kennelijk wordt hier gewerkt met separatorvlees dat tot een geheel wordt geplakt, in een vorm wordt geperst en daarna wordt 'gegaard'. Kennelijk - tja, dit stukje hangt van aannames aan elkaar - wordt het dus niet gekookt. Maar, van onze wetgever mag het kennelijk wel ham heten. Fijn voor de vleesindustrie, maar toch wat raar dat de consument van de wetgever voor citroenen mag betalen, maar knollen krijgt.
Voor alle duidelijkheid en hopelijk ten overvloede, schouderham is geen ham. Ter hoogte van de achterhand van het varken treffen we namelijk geen schouders aan - varkens lijken ook in dat opzicht op mensen. Dus schouderham is een opzichtige manier om van goedkoop vlees een product te maken waar je als slager of grutter meer aan kunt verdienen.
Het is overigens maar een voorbeeld. Toen ik dit stukje schreef zocht ik nog wat aanvullende informatie. Zo wilde ik weten wat eigenlijk de wettelijke eisen zijn die worden gesteld aan de benaming 'achterham'. Helaas ben ik daar niet achter gekomen, maar zoals wel vaker leidde deze zoektocht tot wat ongezochte vondsten. Zoals de Yakult-affaire, maar daarover later meer. De grap is wel dat deze affaire wat licht doet schijnen op de manier waarop de warenwetgeving tot stand komt.
Abonneren op:
Posts (Atom)


